Mijn eerste en belangrijkste zorg: welke motor neem ik mee, of neemt mij mee.
Het allerliefst zou ik met mijn trouwe buffel, de BMW 1150 GS, op pad gaan, maar ik voorzie enkele problemen. Hij is zwaar, loodzwaar… Ik krijg hem zelf niet opgetild als ie op zijn kant ligt en dat gaat geheid gebeuren. En hoewel ik tot nu toe geen echte problemen heb ondervonden off road, weet ik dat het heftiger gaat worden dit keer. Ik moet dus kleiner en lichter. Ik weet niet waar het vandaan komt, maar blijkbaar speelt mijn ego hier de kop op. Ik voel mij een watje als ik op een lichtere motor ga rijden.
Kiezen…
Een ander probleem: er bestaat geen ideale motor voor dit soort avonturen. Nog steeds niet. Uit alles wat ik hierover lees blijkt dat iedere motor zijn voors en tegens heeft en aangepast moet worden. Dus misschien toch de 1150?
Zo hier en daar laat ik mijn twijfels blijken en ik krijg goede tips. Een post op het GS forum en op Facebook brengt uiteindelijk helderheid. Via FB krijg ik de tip van een stoere dame (Marike/ Matigra) dat ik voor een motor moet gaan waarbij ik kan terugvallen op een trouwe achterban. Ik ben niet technisch genoeg om zelf alles te kunnen repareren. Het is niet zo dat ik twee linker handen heb, maar ben nu eenmaal niet grootgebracht met sleutelen. Al gauw ontstaat er een lijstje met favorieten.
John (uit Velp) brengt de verlossing: Hij heeft een BMW G650 X Challenge staan, één van de favorieten, en ik mag hem uitproberen. Als ie bevalt, kan ik hem ook nog eens overnemen.
Direct hetzelfde weekend ga ik op pad. Ik zou sowieso die kant op gaan om tenten te gaan bekijken, dus vang ik twee vliegen in één klap. De X Challenge is een 1 cilinder. Dat lijkt mij helemaal niks, maar wordt wel heel veel gebruikt voor tochten zoals de mijne. Niet geheel onbevooroordeeld stap ik dan ook op de X. Echter, wat ik niet verwacht had, bleken we al binnen een paar honderd meter vriendjes te zijn. Hier kan ik het wel mee! Wat dat betreft kan ik behoorlijk pragmatisch zijn: als het goed is, is het goed. Binnen een week is alles geregeld en een week later staat ie al in de schuur van toen nog mijn huis.

De Verbouwing
Nu begint de volgende fase: het ‘ombouwen’. Gelukkig is het belangrijkste al gebeurd zoals de vering en een goed voorwiel, maar het kan geen kwaad om de rest nog eens grondig onder de loep te nemen. Via fora en sites van andere reizigers kom ik al snel op twee belangrijke ontbrekende items: een bagagerek en extra benzine mogelijkheden. Via dezelfde bronnen wordt mij de oplossing aangereikt: Een bagagerek en tank van Erik (Hotrod Welding). Geen goedkope optie, maar wel de beste. Er zijn mij al velen voorgegaan met goed resultaat.


Van de reis met Marika, nu al weer bijna vier jaar geleden, heb ik nog steeds contact met Hyperpro via Paul. Inmiddels ken ik Bas, die bij Hyperpro in Alphen werkt ook al vanuit het GS circuit. Bas is de man voor de X Challenge. Hij heeft er al velen onderhanden genomen. Via Paul kan ik officieel vanuit Hyperpro bij Bas aankloppen om de motor verder te inspecteren. Hoewel er al Hyperpro vering onder zit, kan het geen kwaad om deze te laten checken. Het komt er op neer, dat mijn steeds mooier wordende brommer (zo naast de 1150 is ie dat voor mij nog steeds) na drie dagen een metamorfose heeft ondergaan. En ik ook. Het was echt geweldig dat ik er bij kon zijn en zo nu en dan zelf aan het werk mocht onder supervisie van Bas en collega David (al heb ik het idee, dat ik meer in de weg stond als dat ik van nut was 😉 ).
‘Knutselen’ bij Hyperpro

Bas Last mijn GPS steun


De overstap naar een andere motor vond ik vooral lastig omdat ik inmiddels de 1150 door en door ken en weet wat normaal is en wat niet. Deze motor is wel even wat anders, maar na een paar ritje en wat gesleutel begin ik een gevoel te ontwikkelen voor de X. Ik voel mij bijna schuldig… Het is net of ik vreemd ga!
Ondertussen heb ik mijn zadel ook nog eens laten verbouwen door de kundige heren van Tijger Leathers in Rijswijk. O, wat wordt ie mooi!

Bagage
Een ander verschil met de 1150 is de manier om mijn bagage mee te nemen. Op de 1150 had ik mooi alu koffers, maar deze motor vraagt om softbags. Weer een investering… Ook hier heb ik al wel wat rondgekeken, maar wist al snel dat er eigenlijk maar één oplossing is: de Magadan bags van Adventure Spec. Ook hierin is Bas een grote hulp. Niet alleen is hij technisch een pro, ook heeft hij al heel wat spannende tochten op zijn naam staan en heeft dus persoonlijk ervaring met alles wat ik ook maar bedenken kan. Naast het technische van de motor heb ik dus in sneltreinvaart ook nog eens een lesje ‘wat neem je mee op reis’ mogen ontvangen. Zoals andere binnen zakken: Sea to Summit Dry River bags. Die zijn dunner en soepeler dan de standaard meegeleverde binnenzakken. Andere spiegels, die onderdelen moeten toch echt wel mee, en andere hoeven niet echt. En van hem kreeg ik ook de bevestiging dat mijn idee om meer pakruimte te creëren door voortassen te gaan gebruiken niet echt slecht is. Het is de truc om weinig aan gewicht mee te nemen, maar pakruimte is wel echt fijn. Dan hoeft niet alles in de tassen gepropt te worden. Wel een gevaar voor mij… Ik sta er bekend om veel te veel mee te nemen.
Nu ben ik daar voor in training. Na twee verhuizingen snel achter elkaar, waarbij ik het vooruitzicht heb, dat alles tijdens mijn reis in een opslag moet, begin ik behoorlijk getraind te raken met het begrip ‘less is more’.
Op mijn inmiddels nieuwe plekje in het antikraakpand, een geweldige plek trouwens in een oude school, waar ik twee klaslokalen ter beschikking heb, start mijn voortassen project. Ik wil ze zelf maken. Even heb ik nog de angst dat het een lastige klus gaat worden vanwege de toch wel zware stof die ik hier voor wil gebruiken, maar gelukkig trekt mijn naaimachine het net. Ik vind dit leuk, zelf iets creëren. Er zijn wel standaard voortassen, maar die vind ik te klein. Ik wil ze echt maatgemaakt hebben voor de X. Het gepuzzel begint: stof zoeken, een ontwerp maken en dan de schaar er in en aan de slag.
Het eerste vertrek
Inmiddels heb ik nieuws over een sollicitatie die ik al een tijdje had uit staan om voor het winterseizoen als Fysiotherapeut in Oostenrijk te gaan werken. Leek mij een goede optie om de winter door te komen en mijn reisbudget aan te vullen, want die begint aardig te slinken. Maar nu gaat het wel opeens erg snel. Of ik over twee weken kan beginnen! We spreken over vier januari. Eigenlijk het liefst direct, maar dat lukt mij echt niet. Hier had ik helemaal niet meer op gerekend. Weer een verhuizing. En tussendoor ook nog al het geregel met de motor en de rest van de spullen die ik nodig denk te hebben. Pfff.

De tassen krijg ik bijna af. Als ik eind april terug kom moet ik nog een paar dingetjes afronden. De rest moet maar vanuit Oostenrijk. Nu eerst maar weer eens verhuizen. Alles in de berging, garagebox. En weer volgt een lesje ‘weinig meenemen’ als ik mijn koffer pak voor de trip naar Oostenrijk met bus en trein. Ik heb immers geen auto meer sinds een jaar of twee. Het eerste afscheid volgt van familie en vrienden. Ik zie ze vier hele maanden niet. En de beide motoren moet ik ook achterlaten. Ik zal alles en iedereen missen…


English



Recente reacties